Strepen laten daten

Okapi’s zijn prachtige dieren en bedreigd in hun voortbestaan. In hun thuisland Congo leven er nog ongeveer 15.000 exemplaren. ZOO Antwerpen en ZOO Planckendael beheren het internationale stamboek en coördineren het Europese kweekprogramma. We zijn de go-to voor advies over deze dieren, maar we zijn ook de matchmakers. Wie paart best met wie om zoveel mogelijk genetische diversiteit te behouden en de soort te helpen overleven? Onze grootste troef is okapi-man Bondo in ZOO Antwerpen. Hij bezit van alle okapi’s in dierentuinen ter wereld de belangrijkste genen. Zoveel mogelijk vrouwtjes daten dus best met zijn strepen. Met behulp van het computerprogramma PMx worden dieren aan elkaar gekoppeld op basis van hun genetica, ook okapi’s. Aan dat belangrijke programma, wereldwijd gebruikt voor kweekprogramma’s, schrijven ook wij mee.

Hoe verloopt het onderzoek concreet?

Okapi-genetica is grotendeels onontgonnen terrein. Voor een recente wetenschappelijke studie, met als doel om de genetische diversiteit van okapi’s in dierentuinen en natuurlijke populaties in kaart te brengen, heeft een team van onderzoekers van onder andere ZOO Antwerpen, London Zoo en de Universiteit van Cardiff okapi-DNA geïsoleerd van dieren uit het Europese en het Amerikaanse kweekprogramma. Om aan voldoende DNA-stalen te geraken van de natuurlijke populatie werden meststalen gebruikt die verzameld zijn in het Congolese regenwoud. Bovendien werden er stalen genomen van semi-wilde okapi’s in het educatief station in het hoofdkwartier van het Okapi Conservation Project in Epulu in het Congolese Ituriwoud.

Kleine stukjes weefsel uit huiden, skeletten en schedels van okapi’s uit museumcollecties werden overgebracht naar ons labo

Zelfs in verschillende musea, waaronder het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika (KMMA) in Tervuren, gingen onze wetenschappers aan de slag om DNA te verzamelen. Kleine stukjes weefsel uit huiden, skeletten en schedels van okapi’s uit die collecties werden overgebracht naar het laboratorium in ZOO Antwerpen. De restanten van de okapi’s gingen terug het archief in, in de kelders van het museum waar ze soms al meer dan honderd jaar liggen. Het is overigens geen toeval dat het museum in Tervuren de grootste okapi-collectie ter wereld heeft. Okapi’s komen enkel voor in het voormalige Belgisch Congo van waaruit ze begin vorige eeuw naar België werden verscheept. Tegelijkertijd met deze staalnames werden aanvragen voor nog meer stalen ingediend in musea in Chicago, Londen, Parijs en Kopenhagen.

Op grond van de resultaten raden we aan om de dierentuinpopulatie van okapi’s zeker als genetische back-up te behouden

Al dit verzamelde DNA-materiaal is nodig om te kijken hoe goed de dierentuinpopulatie de natuurlijke populatie vertegenwoordigt en wat die conclusies betekenen voor het beheer in dierentuinen. Deze genetische beoordeling van de ex-situ okapi's, of de dierentuinpopulatie, en de gedetailleerde evaluatie van de genetische structuur van natuurlijke populaties, of in-situ okapi's, laat zien dat de genetische variatie van okapi’s in de natuur en in de dierentuinen grotendeels vergelijkbaar is, maar dat er toch aanzienlijke genetische verschillen zijn.

Hoe heeft het onderzoek impact? 

Onze studie benadrukt dat zelfs nauwkeurig beheerde kweekprogramma’s met zeer gedetailleerde stamboeken onvoldoende garantie geven voor het behoud van genetische variatie en dat aanvullend genetisch onderzoek van het allergrootste belang is. Op grond van de resultaten raden we aan om de okapi's in dierentuinen zeker als genetische back-up te behouden, maar dat met verder genetisch onderzoek bepaald moet worden hoe deze populaties het best beheerd wordt. Een concrete aanbeveling van ZOO Antwerpen is om op regelmatige basis dieren uit te wisselen tussen Europese en Amerikaanse dierentuinen. Het onderzoek levert een belangrijke bijdrage aan het actieplan voor het behoud van de okapi.

De okapi komt uitsluitend voor in de Democratische Republiek Congo (DRC). We spreken dan van een endemische soort. Onlangs werd het dier geherclassificeerd als bedreigde diersoort op de lijst van de International Union for Conservation of Nature (IUCN Redlist).

Het liefst willen we dat de dieren in een kweekprogramma genetisch representatief zijn voor hun soortgenoten in de oorspronkelijke habitat

Kweekprogramma's voor bedreigde diersoorten gebruiken in toenemende mate moleculaire genetica, de wetenschap die zich bezighoudt met het bestuderen van structuur en functie van genen op een moleculair niveau, om zo de dierentuinpopulatie te beheren. Genetisch onderzoek kan bijvoorbeeld heel nuttig zijn voor onderzoek naar verwantschap, het oplossen van gebrek aan details in de stamboom, of voor het vergelijken van de hoeveelheid genetische diversiteit in dierentuinpopulaties en hun soortgenoten in de natuur. Het liefst willen we dat de dieren in een kweekprogramma genetisch representatief zijn voor hun soortgenoten in de oorspronkelijke habitat, want dat biedt ons een manier om het oorspronkelijke evolutionaire potentieel van de soort te behouden. Stel dus dat we ooit dieren zouden moeten herintroduceren die in de natuur uitgestorven zijn, dan hebben we dieren beschikbaar die perfect aangepast zijn aan de omstandigheden in natuurlijke leefomgeving. De dierentuindieren vormen zo als het ware een genetische back-up voor de natuurlijke populaties.